LIGURIË, zomer 2017

Stel je eens voor dat je in een pittoresk dorpje in Italië aankomt met hooguit twintig woningen. Het centrum van dat dorp wordt gedomineerd door een kleine kerk met daaromheen een plein; Het is een L-vormige binnenplaats die uitkijkt over drie baaien en dorpjes van de Cinque Terre in Ligurië. Het ligt zo’n 400 meter boven de zeespiegel dus je kunt je voorstellen dat de uitzichten adembenemend zijn.

Ligurië

Sowieso doet heel Ligurië erg tropisch en “non-Italiaans” aan. Zover het oog reikt ontvouwen zich groene gewassen en terrasbouw vol wijngaarden. De lage bewolking, die soms dreigend en langzaam over de bergtoppen kruipt, en het relatief vochtige klimaat in de Cinque Terre, lijken niets op het Italië dat ik tot nu toe heb gezien.
Verbijsterd lopen mijn travelbuddy en ik achter onze host aan naar een idyllische Bed & Breakfast. Als klap op de vuurpijl blijkt deze parallel te liggen aan het kerkplein, en hebben wij vanuit ons bed uitkijk op Corniglia, een dorpje in de Cinque Terre. We zien pal voor ons de bergen, de groene wijngaarden, de dorpjes ver beneden ons, de duidelijk omlijste baaien en de doordringende azuurblauwe zee. We kijken elkaar aan: dit is een droom, toch?

Dorpsfeest

Het kleine dorpje San Bernadino is gelegen in het Nationale Park Cinque Terre en is, terecht, erg geliefd bij hikers. Het was eveneens onze laatste stop in Italië voordat we door zouden trekken naar Frankrijk twee dagen later. Eindelijk twee dagen op één plek na een week trekken!
Toen ik vroeg naar een supermarkt of een eetgelegenheid, we waren immers hongerig na de traveldag, moest onze hostess ons teleurstellen. De winkels waren “beneden”, in de grotere dorpen. Er was hier niets waar wij eten konden halen (gelukkig had de lieverd verse pasta en zucchini in onze koelkast gelegd! Die zouden we de volgende dag oppeuzelen). Blijkbaar (en tot ons grote geluk!) was er de avond van onze aankomst een soort dorpsfeest gepland. De chef en zijn personeel, van de enige Osteria die er was in San Bernadino en omstreken, zouden zorgen voor het eten. Als leek dacht ik natuurlijk dat dit hele festijn plaats zou vinden in het daarvoor bestemde restaurant. Niets was minder waar. Het plein om de kerk heen werd voorzien van houten picknicktafels- en banken. De welbekenden Italiaanse rood- met wit geblokte lakens kwamen tevoorschijn en werden behendig over die tafels gedrapeerd. Niks geen servies, gewoon plastic borden, bekers en bestek lagen op tafel. Mooie wijnflessen? Nee, hoor. Ik geloof dat de lokale wijnboer een vat bracht en deze was over gegoten in glazen flessen met of zonder (bijbehorend) label. Er stonden een hoop sixpacks water (naturale e frizzante) klaar om de gasten te voorzien van een wat minder bedwelmende drank.
Chefs, personeel, Italiaanse vrouwen met sjaaltjes in hun haar: iedereen was druk bezig met de aankleding van het feest (ik noem het een feest, volgens mij is het daar de normaalste zaak van de wereld). Oh ja, er was voor de gelegenheid diezelfde middag nog een speenvarken geslacht (deze had uiteraard een heel erg fijn leven gehad. Over biologisch gesproken: alles wordt lokaal en kleinschalig verbouwd en gefokt).

Het verbaasde me dat, toen we opgefrist en wel aan een lange tafel schoven, alle plekken bezet waren. Het hele dorp (we hebben het dan over zo’n 40 mensen, er wonen namelijk maar zo’n 30 mensen in het hele dorp.) was uitgerukt, opgedoft en klaar om te eten! De wijn vloeide rijkelijk, het water net wat minder. Er stonden mandjes vers brood op tafel en toen ik mijn gezellige Duitse buurman een bekertje wijn inschonk zag ik zijn blik afdwalen. Ik keek om en daar was hij: de wat gezette chefkok kwam, vanaf zijn keuken in de Osteria, met een bevlekt wit kokshemd van de trap aflopen die naar het plein leidde. Samen met een jongere man droeg hij een reusachtige pan. Deze werd op tafel gezet en twee vrouwen schepten versgemaakte pasta carne op alle plastic borden. Geloof me, ik kan écht niet beschrijven hoe lekker deze pasta was. Zo vers! Zo smaakvol! Ik begon te grinniken en vroeg me af waar ik nu toch weer terecht was gekomen. Het leek wel een film.
Toen bij het tweede gerecht, naast het stoofvlees, tomaten die zo groot waren als een kleine suikermeloen werden geserveerd, kreeg ik het al helemaal niet meer geregeld. Over meloenen gesproken: het toetje was een watermeloen. Maar uit één zo’n ding konden ongeveer 20 plakken (wat doen wij serieus met ons groente en fruit dat alles zo minuscuul wordt?).
Na talloze flessen wijn spraken wij (mijn travelbuddy en ik zaten bij drie Duitse jongemannen), ons inziens, prima Italiaans. Het meest gebruikte woord was ongetwijfeld Spectaculare!, wat we te pas en te onpas uitriepen: bij eten, bij drank, bij fruit. We verkeerden in een soort bubbel: de zon had plaats gemaakt voor een sterrenhemel, de zee was donker, in de dorpjes beneden ons scheen nog licht, het was iets afgekoeld maar het krekelkoor ging tekeer, we waren voldaan van het eten en van de wijn. De mensen om ons heen waren zo gastvrij en zo lief! Ik heb me zelden zo goed gevoeld. Ik zweefde! En dat in een dorp waar 30 mensen wonen en waar geen mens Engels spreekt. Wat een gelukzaligheid!

Hiking

San Bernadino is, naast het waanzinnige lekkere eten, zeker ook het bezoeken waard als je fan bent van de natuur, van hiken of van wandelen. Nadat we aan waren gekomen in ons hostel, en voordat het hierboven beschreven feestmaal plaatsvond, besloot ik in mijn eentje (en zonder koptelefoon!) een hike te doen. Er zijn heel wat routes die vanaf San Bernadino vertrekken. Truth be told had ik helemaal geen ervaring met hiken. Ik wandel heel wat af thuis, maar een route volgen en, in de bloedhitte, over kruip-door-sluip-door paadjes klauteren behoorden niet perse tot mijn dagelijkse bezigheden.
Mijn hang naar avontuur nam echter de overhand, en na een carepack te hebben gepakt met water en voedsel ging ik op pad. Het eerste stukje merkte ik dat ik wat huiverig was. Het was rond half zes, de zon zou niet over al te lange tijd onder gaan en hikers lopen doorgaans overdag (toch?). Ik was alleen en bleef dus veilig op de asfaltwegen wandelen. De uitzichten waren hier immers ook mooi!
Ik besloot omhoog te gaan, de berg op, om te kunnen genieten van de uitzichten op de zee, de bergen, de terrasbouw, de baaien en de dorpjes beneden. Links van mij ontvouwde zich een waanzinnig landschap, achter me lag de zee, naast me de fel groene terrassen met pittoreske wijnboederijtjes. Af en toe liep er een koe met een bel aan zijn nek. Het geluid galmde zacht door de bergen heen: wat een vredig tafereel.
Ineens dacht ik: ik ben gek ook. Ik wandel in een van de mooiste gebieden die ik ooit heb gezien en ik weiger offroad te gaan. Angst is een hele slechte raadgever, kiezen voor de veilige weg zorgt ervoor dat je altijd rechttoe rechtaan blijft lopen en nooit de échte adembenemende uitzichten ziet. Ik had een mooie wandeling, ja. Maar ik wist ergens diep van binnen dat hij nog veel mooier kon worden!

Offroad

Ik verliet de asfaltwegen en volgde route nummer 507 richting Casella. Niet lang daarna hoorde ik geen koeien en geen auto’s meer. Alleen nog het ruisen van de bomen en de vogels die er in huisden zorgden voor bijgeluid. Daarnaast hoorde ik mijn eigen ademsnelheid toenemen terwijl ik de steile en kronkelende paden omhoog liep. Ik ben een aardige fitgirl maar in 30 graden, in de nog brandende zon, een berg oplopen is zwaar! Ik voelde hoe mijn spieren zich inspanden, hoe mijn hartslag verhoogde. Het was een heerlijk gevoel. De beloning toen ik bij een open stuk landschap aankwam -de paden waren namelijk bebost- was des te groter. Pal voor mijn ogen doemde de haast eindeloze azuurblauwe zee op met niets dan golven. Toen ik naar links keek zag ik een baai met een klein dorp liggen. De zon scheen precies op de wijngaarden en de terrasbouw erboven, wat voor de mooiste groen tonen zorgde. De reflectie van de zon op het water deed pijn aan mijn ogen.
Vol goede moed liep ik verder omhoog, de bebossing werd dikker en de schaduw maakte dat mijn lijf een beetje kon afkoelen. Een GPS signaal, of enig signaal for that matter, had ik niet meer. Ik zou heel stoer kunnen zeggen dat dit me niet deerde, maar dat is niet zo. De gedachte dat ik ineens de bosjes in werd getrokken kruiste echt wel eens mijn gedachte, maar ik besloot niet bang te zijn en door te lopen tot ik op een nieuw uitkijkpunt kwam. Gelukkig duurde dit niet erg lang. Hijgend en puffend kwam ik bovenaan een bergtop. De bebossing was nagenoeg weg en ik keek links en rechts uit op de iets hoger gelegen bergtoppen. Deze waren bezaaid met bomen. Achter de bergen zo dicht naast me, zag ik een volgend berglandschap. En toen ik me omdraaide was daar weer die enorme hoeveelheid blauw van de zee. De dorpjes kon ik bijna niet meer zien door het felle licht, maar het uitzicht was adembenemend.
Ik zal je de filosofische gedachtegangen besparen, maar ik kan je wel vertellen dat ik me opnieuw realiseerde hoe belangrijk en hoe leuk het is om je niet aan de veilige en voordehandliggende paden te houden (dit was overigens nog steeds een veilige en uitgestippelde weg, maar een hoop avontuurlijker dan een asfaltpad omhoog). Wil je écht leven? Wil je de échte schoonheid zien? Laat angst je dan zeker niet weerhouden! Durf jezelf te zijn, voor jezelf te kiezen en durf dat onderbuikgevoel (je hart) te volgen. Dat gevoel, jouw intuïtie, heeft vaak gelijk. Als je dan bovenaan de bergtop staat en uitkijkt over de wereld, met niets dan rust en sereniteit om je heen, ben je al lang vergeten dat je ooit twijfelde aan jezelf.

Van al mijn avonturen in Italië is dit het verhaal dat ik het meest vertel aan mensen die me vragen hoe de reis was. De hele ervaring van het eten, de hike, de lieve mensen, de overweldigende schoonheid van de natuur en de cultuur om mij heen, maken dat mijn hart nog steeds sprongetjes van blijdschap maakt als ik foto’s bekijk of dit verhaal opschrijf. Het was waanzinnig, bizar, Spectaculare!, idyllisch. It has bewitched me, body and soul.

Gerelateerd

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *