#ANARTWORKADAY

“Het gebeurt wel eens. dat je iets bijzonders ontdekt. Je neemt iets waar en vervolgens grijpt het je vast. Eerst weet je niet wat je overkomt. Daarna ga je redenen zoeken waarom je er mee bezig blijft. Na verloop van tijd houdt het op En dan ineens is het er weer.” – Gerrit van Bakel, 25 oktober 1984

Sinds de laatste twee kunstwerken die ik besprak, ben ik mij weer gaan inlezen in kunstenaars die zich op wat voor manier dan ook bezighouden met de natuur, natuurkrachten, het weer, het landschap of de aarde. Vaak omvat het oeuvre van deze kunstenaars zoveel meer dan alleen kunstobjecten. Er gaan hele theorieën aan vooraf, gedachtegangen en hersenspinsels die mij, hoewel ze in sommige gevallen moeilijk te volgen zijn, onophoudelijk blijven fascineren. Een van deze kunstenaar-filosofen is de Nederlandse Gerrit van Bakel (Venray, 1943 – Deurne, 1984). Met zijn oeuvre kwam ik pas recent in aanraking en ik heb een instant fascinatie en liefde voor zijn kunstenaarschap ontwikkeld.

Van Bakel groeit op als boerenzoon in de Peel. In veel van zijn werken komt zijn fascinatie voor natuurfenomenen als regen, weer en wind terug. Vanaf 1967 maakt hij bewegende machines, vaak wagentjes, die gebruik maken van krachten in de natuur om zich te verplaatsen. Met zijn ‘uitvindingen’ wil hij tegenwicht bieden aan de snel voortschrijdende mechanisatie van het boerenbedrijf in de jaren zestig.
Pas in het begin van de jaren zestig komt Van Bakel in aanraking met de kunstwereld, die hem tot dan toe geheel vreemd was gebleven. In 1963 besluit hij naar de kunstacademie in Den Bosch te gaan maar deze tijd vindt hij maar absurd. Van Bakel leert er alles over de Italiaanse schilder traditie die volgens hem mijlenver van zijn eigen wereld af staat. Op de academie leert hij echter wel een groepje ‘wereldverbeteraars’ kennen waardoor Van Bakel sterk wordt beïnvloed.
De kunstenaar ontwerpt in deze tijd ambitieuze projecten: fietsen, auto’s, boten, vliegtuigen, huizen, straten en steden, en herberekeningen voor de voedselvoorziening van de hele wereld. De processen voorafgaand aan het maken van zijn sculpturen zijn voor Van Bakel net zo belangrijk als het eindresultaat. Er zijn ruim zevenhonderd schetsboeken vol met ontwerpen, tekeningen, berekeningen, telefoonkrabbels en allerhande notities van zijn hand bewaard gebleven. Bepaalde ontwerpen keren telkens terug, voor Van Bakel reden om deze schetsen om te zetten in een sculptuur zoals ook het geval bij de #ANARTWORKADAY van vandaag: Het regenwagentje (1982-83).

Bron afbeelding

Het is in de jaren 1980, aan het einde van zijn leven, dat Gerrit van Bakel begint aan zijn ‘Dingen’, zijn ‘Machines’: kunstobjecten die doorgaans erg traag bewegen door natuurkundige fenomenen. Het regenwagentje is bijvoorbeeld niet meer dan een driehoekige bak op wielen. Het werk hoort buiten te staan, zodat de bak zich kan vullen met regenwater. Zo gauw de bak vol is, verschuift het zwaartepunt en kiept de bak achterover. Met een schok rijdt het wagentje vervolgens een klein stukje naar voren om daar weer te gaan staan wachten op de volgende regenbui. Op die manier beweegt het zich extreem langzaam voort. Massa wordt omgezet in energie.

De titels die Van Bakel aan zijn werken geeft zijn overigens vrij poëtisch. Hij maakte extreem langzame machines en noemde deze vervolgens Middelgrote Probleemdragerde Zonsondergangvolger, Helicopterlokker of Hulpmiddel voor een West-Europese ontmoeting. Enerzijds geven ze precies weer wat de eventuele functie van de machines kunnen zijn, anderzijds hebben sommige objecten helemaal geen functie en ‘zijn’ ze alleen maar.

Bron afbeelding

Op deze website staat een zeer uitgebreide biografie van Gerrit van Bakel. Neem zeker eens een kijkje!

Gerelateerd

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *